Deze drie tips kunnen helpen om liesblessures te vermijden of de pijn te verlichten.

Een liesblessure kent vaak verschillende oorzaken: problemen met het heupgewricht, stressfracturen, ... Voor je meteen uitgaat van het ergste, sta je best eerst stil bij je recente trainingsactiviteit: intensieve loopsessies en een hoog trainingsvolume liggen vaak aan de basis van liesklachten. 

Liesblessures treden soms acuut op (bijvoorbeeld na het trekken van een stevig sprintje), maar ontstaan in de meeste gevallen geleidelijk aan. Voor lopers is het belangrijk om pijn in de liesstreek dus niet te negeren en te behandelen. Hier volgen enkele tips:

1. Neem voldoende rust

Spierpijnen na een wedstrijd of stevige training zijn volkomen normaal en verdwijnen in de meeste gevallen na enkele dagen rust. Neemt de pijn niet af? Voel je niet schuldig om je volgende training uit te stellen. Als je niet voldoende rust neemt, keren pijn en stijfheid steeds sneller en vaker terug na iedere loopsessie en kunnen liesklachten chronisch worden. Neem dus je tijd om te herstellen. 
Voel je dat je meer rust kan gebruiken, maar wil je graag in conditie blijven? Beoefen dan voor een tijdje een andere sport (bv. fietsen) die minder belastend is voor je lies. 

2. Stretch regelmatig

Rekoefeningen helpen om pijn in je liesstreek te behandelen. Belangrijk is dat je de oefeningen juist uitvoert: houd een stretchoefening zo'n 10 tot 30 seconden aan en let erop dat de oefening geen pijn doet. Meer stretchtips vind je hier

3. Doe aan stabilisatietraining

De spieren rond je bekkengebied, zoals buik- en rugspieren, maar ook hamstrings en quadriceps spelen een grote rol in het voorkomen van liesklachten. Integreer enkele keren per week wat stabilisatie- en krachtoefeningen in je trainingsschema om deze spieren te versterken en soepel te houden.

Blijf je pijn ondervinden? Ga langs bij je huisarts of raadpleeg een fysiotherapeut.