Tropisch warm is het al eventjes niet meer, maar tijdens de zomer verliezen we over het algemeen wat meer vocht. Vanaf welk punt wordt dat een probleem?

In normale weersomstandigheden vangt het lichaam een vochttekort tot 2% van het lichaamsgewicht vrij gemakkelijk op, maar zodra je die drempel overschrijdt, stijgt het prestatieverlies heel snel en neemt je duurvermogen af. En hoe warmer het is, hoe sneller je die waarde bereikt.

Evelyne Coppens, sportvoedingsdeskundige bij Energy Lab, geeft een voorbeeld: "Voor een persoon van 70 kilogram geeft een vochtverlies van 1,4 liter (2% van het lichaamsgewicht; red.) aanleiding tot een daling van het aerobe vermogen (uithoudingsvermogen; red.) met 10%. De impact op het anaerobe vermogen (voor intensievere inspanningen; red.) is zelfs nog groter. Bij een tekort van 3 tot 5% krijg je een duidelijke afname van het duurvermogen en treedt er ook krachtverlies op."

Maar het kan volgens Evelyne nog erger: "Loopt het tekort hoger op, dan spreken we van een verregaande uitdroging met symptomen als krampen en uitdroging. Bovendien kunnen er dan verschijnselen van oververhitting opduiken. Zweten is een manier van het lichaam om warmte af te voeren, maar bij vochttekort blokkeert dat mechanisme."

In ons zomernummer lees je het volledige artikel over 'drinken in de zomer', met onder meer enkele tips om steeds voldoende te drinken. Ook houden we diverse dranken onder het vergrootglas. Je leest het artikel hier ook digitaal.