Het wielrennen evolueert razendsnel naar een wereld waar aerodynamica en technologische hoogstandjes de plak zwaaien. Maar ergens tussen de grote fabrikanten zitten ook traditionele ambachtslui. Gilbert Cattoir, wielbouwer en mecanicien van vele grote renners, geeft zijn mening over het geheim van een perfect wiel en over de huidige markt.

"Toen ik zeven jaar was, stak ik al spaken terwijl mijn vader aan zijn fietsen werkte. Het wiel bolde weg en de spaken vielen er al eens uit, maar ik bleef bezig", blikt Gilbert terug op hoe het voor hem begon. "Mijn vader heeft me de basis geleerd, maar er heeft me nooit iemand de kneepjes van het vak bijgebracht. Daarna begon ik wielen te maken voor renners. De ene keer op een vertrouwde manier spaken en erna eens op een andere wijze. Zo heb ik mijn eigen stijl ontwikkeld om een wiel te bouwen."


Maar het aanzien van een echte hero kreeg de 65-jarige man, die nu naast zelfstandige wielbouwer ook actief is bij Museeuw Bikes en Sapim, nooit. "De ambacht wordt veel te weinig geapprecieerd. Ik ben met Sapim eens een wielenfabriek gaan bezoeken. Toen ik buiten kwam zag ik het echt niet meer zitten. Daar zaten mensen met een beperking wielen te bouwen. Als ze ons vervangen door zo'n mensen, met alle respect voor hen trouwens, vind ik dat ze de stiel bederven. Dat zijn mooie wielen om tegen een muur te zetten als sierstuk, maar niet om comfortabel mee te rijden", maakt Gilbert zijn punt duidelijk.

Ook over de nieuwe ontwikkelingen van tubelesswielen en bijbehorende banden heeft de ervaren stielman een duidelijke mening. "Dat vind ik allemaal maar niets. Geef mij maar een deftige Clement Criterium Seta. Dat was net een zakdoek: je kon de tube vastnemen, opvouwen en hij verdween zo in je zak. Hoe soepeler, hoe beter. Dat kun je nu niet meer met de huidige banden, dat zijn net tuinslangen. Maar als je het verschil nooit ervaart, weet je niet wat je mist.

Lees de volledige reportage in het julinummer van cycling.be magazine, nu in de winkel!