Eli Iserbyt en Toon Aerts zijn ontegensprekelijk de blikvangers van het seizoensbegin. Ze vochten al enkele mooie duels uit en zijn bovendien niet te beroerd om hun mening te delen. Wij legden beide heren vijf prangende vragen voor over heden en toekomst van de veldritsport.

1. De coronacrisis heeft ook gevolgen voor het veldritseizoen. Was het zaak om vroeg in vorm te zijn en alles mee te pakken?

Eli Iserbyt: "Vorig jaar had ik echt gepiekt naar het begin van het seizoen, maar nu was dat niet het doel. Al zag het er wel even naar uit dat ik te vroeg in vorm zou zijn. In de Rapencross in Lokeren liep ik echter een kleine knieblessure op, waardoor ik twee weken minder goed kon trainen. Daardoor zal ik uiteindelijk toch een beetje later die absolute topconditie te pakken hebben. Vorig jaar miste ik een beetje frisheid in december. Dat dipje wil ik dit seizoen vermijden. Bovendien wil ik top zijn als Mathieu van der Poel en Wout van Aert hun rentree maken in het veld. Als sportman wil je toch ook eens van hen winnen ... Voor de rest denk ik niet dat het veldritseizoen elk moment afgelopen kan zijn, maar er staan intussen natuurlijk wel een pak minder crossen op de kalender dan vorig jaar. Jammer, want je kan echt wel coronaproof en veilig organiseren. Dat is de voorbije weken gebleken."

Toon Aerts: "Ik ben inderdaad sterker aan het seizoen begonnen dan vorig jaar. Al had ik niet verwacht dat ik al meteen elke week zou meespelen voor winst. Het loopt dus beter dan gehoopt. Anderzijds wilde ik vanaf de start van het seizoen natuurlijk wel een goed niveau halen - met hier en daar een podiumplaats - om dan vervolgens naar een eerste piek toe te groeien in de aanloop naar deze maand. Let wel: ik ga niet uit van het idee dat het seizoen snel voorbij zal zijn door corona. Ik ga nog altijd uit van een goedgevulde veldritcampagne. Er zullen uiteraard minder crossen kunnen plaatsvinden, maar de voorbije wedstrijden hebben getoond dat het coronaproof en veilig kan."


2. Hebben jullie tijdens de 'lockdown' aan bepaalde 'zwakke punten' gewerkt? Mathieu van der Poel neemt zijn bochten op magistrale wijze. Kan je dat bijvoorbeeld bijschaven?

Toon Aerts: "Nee, dat kan niet meer. Op ons niveau hebben we allemaal al zo verschrikkelijk veel uren op de fiets gesleten en onze techniek zodanig getraind dat je op een gegeven moment een bepaald plafond bereikt. In zo'n dingen heb ik niet uitzonderlijk veel tijd gestoken. Ik voel wel dat mijn crosstechniek beter wordt met de jaren en dat ik hem steeds sneller onder de knie krijg in het begin van het seizoen. Al kan ik natuurlijk geen dingen op de fiets die Mathieu niet kan. Dat is een kwestie van talent. Tijdens de 'lockdown' heb ik vooral geprobeerd om me te amuseren op de fiets. En dat is gelukt. Verder heb ik ook de gravelfiets ontdekt. Tot slot hebben we door de rare seizoensopbouw nieuwe accenten gelegd op het vlak van training en de dingen met een frisse blik bekeken. Dat is me goed bevallen, zoals blijkt uit mijn prima resultaten." 

Eli Iserbyt: "Ik heb iets meer gefocust op fitness, kracht en explosiviteit. De voorbije jaren heb ik wel geleerd dat ik me moet concentreren op mijn pluspunten en niet op mijn negatieve kanten. Ik heb dus vooral mijn sterke punten verder proberen te verbeteren."

Lees het volledige artikel in het novembernummer van cycling.be magazine, nu in de winkel, online te lezen via Blendle of te bestellen via onze webshop! Abonneer je HIER en krijg er een gratis fietscadeau bovenop!