Een beetje afwisseling in looptrainingen kan nooit kwaad. Dat fartlek-loopje met tempoversnellingen is al een goede eerste stap, maar voeg de volgende keer ook eens een trap aan je training toe. Te hard van stapel lopen is wel uit den boze.

De kans is bijzonder groot dat je ergens in je buurt een trap vindt. Energy Lab-coach Thijs Dekiere legt uit waarom het zo'n goed idee is om die in je volgende looptraining te integreren: "Een trappentraining is - naast bergop lopen - een van de weinige mogelijkheden om aan specifieke loopgerelateerde kracht te winnen. Daarom is trappenlopen voor elke loper een goede aanvulling op zijn gewone looptrainingen."

Je hoeft je tijdens je trappentraining niet te beperken tot traplopen of sprongen. Eigenlijk is een trap een goedkoop alternatief voor een fitnesstoestel. Varianten van triceps dips voer je bijvoorbeeld eenvoudig op een trap uit en ook je kuiten en achillespezen kan je op een trap trainen en verstevigen. Dekiere legt een essentiële oefening voor lopers uit: "Ga met de toppen van je tenen op een trede staan, laat je hielen zachtjes doorzakken naar beneden en duw jezelf dan weer rustig omhoog. Dat lijkt misschien een simpele oefening, maar veel lopers hebben er baat bij."

Wat is de juiste techniek, en met welke aandachtspunten moet je nog rekening houden? Je leest het in ons januarinummer (nu in de winkel) of hier digitaal.