Trainingen zijn heel belangrijk om je besttijd te verbeteren, maar je loophouding speelt ook een grote rol. Hoe optimaliseer je die?

Hoe verbeter je je loopefficiëntie? Het is onder andere belangrijk om je pasfrequentie te verhogen en je grondcontacttijd te verlagen. Zo loop je efficiënter en dus sneller.

Een beproefde methode om dat resultaat te bekomen, is ritmelopen. Wat is dat en hoe doe je het?

* Voer je ritmelopen uit in een 'gemakkelijk' tempo, het zijn geen sprints.
* Gebruik een kort, lichtvoetig grondcontact (alsof je over hete kolen loopt), zonder overdreven beenacties.
* Kom altijd geleidelijk in je tempo en neem aan het einde al even geleidelijk gas terug.
* De duur varieert van 7 tot 45 seconden.
* Als je je pastritme beter beheerst, kan je ook licht variëren met de paslengte.
* Vermijd zeker in het begin zo veel mogelijk weerstand. Loop dus met de wind mee of zoek een pad dat lichtjes daalt.
* Ook aan het einde van een opwarming, voor een serie tempolopen of een vlotte duurloop kan je enkele ritmelopen doen.
* Gevorderde lopers kunnen ook bij de cooling down de nodige ritmelopen doen. Na een vermoeiende training besteden ze extra aandacht aan de coördinatie.
* Vanaf het begin is het goed met lichte intervallen te lopen. Bijvoorbeeld een minuut wandelen afgewisseld met een minuut lopen. Op den duur kan je ook intervallen heuvel op en/of met tegenwind lopen.