Dieumerci Mbokani denkt nog niet aan een vervroegd vertrek. De Congolees verwacht tot het einde van het seizoen bij Anderlecht te blijven. Hij wil ook eerst nog de Gouden Schoen winnen.

Op God kan je rekenen in de moeilijke momenten. Dat bleek ook het geval voor Anderlecht tegen Zenit. In ware Zorro-stijl schoot Dieumerci Mbokani paars-wit naar zijn eerste CL-zege in zeven jaar. Het doelpunt drijft de transferwaarde van de gemaskerde held alleen maar op. Toch denkt Mbokani niet meteen aan een vertrek. "Ik denk dat ik tot het einde van het seizoen bij Anderlecht blijf", zegt hij in Het Laatste Nieuws. "Ik heb een contract van anderhalf jaar. En als er iets beslist wordt, zal dat samen met het bestuur gebeuren."

De Congolees denkt eerst aan de Africa Cup. Daar neemt hij in januari met Congo aan deel. Een tijd geleden leek dat nog onmogelijk, maar sinds de trainerswissel maakt Mbokani weer deel uit van de nationale ploeg. "Leroy is hier vaak geweest om over mijn terugkeer te spreken", verduidelijkt de spits. Uiteindelijk begon iedereen op hem in te praten. "Zelfs mijn moeder", geeft Mbokani toe. Hij voegt er wel aan toe dat hij zonder Leroy nooit was teruggekeerd. "Maar het was wel mooi hoe het hele stadion mijn naam scandeerde toen ik voor het eerst weer voor Congo speelde."

Naast de Africa Cup heeft Mbokani nog een doel in januari. "Ik ben de grote favoriet voor de Gouden Schoen", vindt de Congolees. "Ik heb er al een paar keer naast gegrepen, maar dit jaar wil ik de prijs voor beste speler van België grijpen." De spits voelt terug warmte in België. Die miste hij bij Wolfsburg en Monaco. Daarom denkt Mbokani ook aan een definitief verblijf in België. "Ik zal nog wel op vakantie gaan in Afrika, maar na mijn carrière zal ik in Europa blijven, wellicht in België."

"Vergeet niet dat mijn carrière pas hier echt begonnen is. Anderlecht was mijn eerste grote club, bij Standard ben ik helemaal doorgebroken. Dat zullen al- tijd mijn twee clubs blijven." Het doet Mbokani dan ook pijn dat hij wordt uitgefloten op Sclessin. Toch keert hij nog graag terug naar Luik. "Ik voel er respect, net als hier. Ik heb nog altijd een huis in Luik. En mijn eerste zoontje is daar geboren."