Wout van Aert (Crelan-Charles) moest andermaal in het zand bijten voor Mathieu van der Poel (Beobank-Corendon). De wereldkampioen was nadien eerlijk in zijn analyse. "Mathieu is beter dan vorig jaar, terwijl ik minder ben."

"Wanneer ga je eens winnen?" Hij is de vraag al beu gehoord, maar het speelt niet mee in zijn hoofd. "Ik had goede benen in de start. Meestal moest ik van bij het begin achtervolgen op Mathieu, nu draaide ik de rollen eens om. Wie niet waagt, niet wint", relativeert de Lillenaar.

"Ik viel niet echt stil toen Mathieu terugkwam. Het was pas toen hij echt bij mij kwam en die muur in de kuil naar boven fladderde dat ik plots stilstond. Normaal ben ik de betere loper, maar wie op de limiet zit kan plots niks meer. Echt een klop van de hamer, geen idee van waar dat kwam. In geen tijd nam Mathieu twintig seconden. Gelukkig kwam ik er de laatste ronden wel weer door."

Van Aert apprecieert de solozege van zijn rivaal wel. "Ik reed vroeger zelf vaak van bij de start weg en haalde zo al enkele mooie zeges binnen. Ik had gehoopt dat ik nog wat beter zou geworden zijn na vorig weekend in Ronse, maar ik ben wat blijven hangen. Ik ben wel blij dat ik de koers hard kon maken, dus excuses maak ik zeker niet."

En dan kwam toch de onvermijdelijke vraag. "Ik koerste nu eenmaal telkens tegen de beste tegenstanders. En wie, buiten Lars van der Haar en Mathieu, won wel al een topcross? Vroeg of laat moet die zege er toch komen. Mezelf druk maken in die verliezen doe ik dus absoluut niet. Ik ben en blijf een winnaar. Ik denk wel degelijk dat Mathieu sterker geworden is dan vorig jaar. Bovendien ben ik ook een beetje minder."