Moordstrookje is verkozen tot Woord van het Jaar, zo maakte Van Dale dinsdagochtend bekend. Het slaat op een fietspad dat vlak langs een weg ligt en daardoor zeer gevaarlijk is, legt de uitgever uit.

Er waren achttien woorden genomineerd. Vlamingen konden tussen 28 november en 17 december hun stem uitbrengen. Dat hebben er uiteindelijk bijna 10.000 gedaan, van wie iets meer dan één op vijf (21,2 procent) het woord "moordstrookje" verkoos. De top drie wordt vervolledigd door "mangomoment" en "groeipakket".

We berichtten onlangs nog over het onveiligheidsgevoel bij fietsers en hoe dat de reden is waardoor te weinig mensen de fiets als volwaardig alternatief zien voor de auto voor het woonwerkverkeer en andere nuttige verplaatsingen. De moordstrookjes, dat zijn te smalle en niet van de autoweg afgescheiden fietspaden, zijn net die zwarte vlekken in onze weginfrastructuur waar vaak dodelijke ongevallen gebeuren. Het is dan ook niet meer van deze tijd om een fietspad van een halve meter breed te voorzien op een weg waar 70 km/u of sneller wordt gereden.

Eind september was er nog ophef in het Vlaams Parlement toen Groen-fractieleider Bjorn Rzoska het woord 'moordstrookje' gebruikte in het debat over de Septemberverklaring, waarin de Vlaamse regering zich op de borst klopte over de daling van het aantal verkeersdoden. Dat bestempelde Rzoska als een voorbeeld van "misplaatst triomfalisme". Vooral op het vlak van fietsveiligheid scoort Vlaanderen volgens Rzoska nog ondermaats.

Minister-president Geert Bourgeois (N-VA) noemde zich "gechoqueerd" over het woordgebruik van zijn Groen-collega. Eerst weigerde Rzoska zijn woorden in te trekken, maar even later gaf hij toch toe dat zijn woordgebruik "te snel en te scherp" was. De Groen-fractieleider bleef er wel bij dat Vlaanderen meer moet investeren in fietsveiligheid en dat de cijfers voor de fietsers "bloedrood" zijn. Maar dat laatste noemde mobiliteitsminister Ben Weyts dan weer een "pertinente leugen". "Op tien jaar tijd is het aantal doden ter plaatse gedaald van 68 naar 32. Dat is meer dan een halvering", aldus Weyts. "Als u meer mensen op de fiets wil krijgen, zal het niet helpen om verdraaiingen en leugens te gebruiken", zei Weyts toen.

Daarbij is het frappant te noemen dat de N-VA-politici Rzoska aanvielen voor het gebruik van het woord 'moordstrookje', want dat is al langer in omloop - en niet onterecht trouwens. Twee derde van de fietspaden voldoen niet aan de minimumbreedte (anderhalve meter) die wordt aangeraden in het Vademecum Fietsvoorzieningen van de Vlaamse overheid en één derde van het totale aantal fietspaden is van het type 'aanliggend, gelijkgronds fietspad', wat betekent dat het niet fysiek afgescheiden is van de autoweg. Volgens dat Vademecum moet er bij zo'n fietspad ook een tussenstrook van 25 tot 50 centimeter zijn. Nog geen 5 procent beantwoordt aan die voorwaarde ... Het mag dan ook niet verwonderen dat we als fietsers hopen dat dit Woord van het Jaar snel in onbruik geraakt wegens 'niet meer van toepassing'.