Zevende in de Tour van 1975. Tot daar het palmares van Francesco Moser in de Ronde van Frankrijk, dat schril afsteekt tegen zijn Giro-statistieken: achtste, zevende, twee keer derde, vier keer tweede en één keer winnaar. Of hoe een van de grootste Italiaanse renners uit de geschiedenis zijn hele carrière lang alles op alles heeft gezet om thuis een roze trui in de kast te kunnen hangen ...

De langverwachte Giro-winst kwam er in 1984. Dat jaar snoepte Moser de maglia rosa in de slottijdrit af van Laurent Fignon. Critici opperden dat het parcours van die editie helemaal op zijn maat gemaakt was door de Giro-organisatie. Alsof het zo simpel zou zijn. Anderen beweerden dan weer dat de helikopter wel erg dicht achter Moser had gevlogen, waardoor deze laatste de wind in de zeilen kreeg en de finale race tegen de klok winnend kon afsluiten. En dan was er nog de gewaagde keuze voor dichte wielen. "Die dichte wielen waren een risico, want ik moest alles of niets spelen om de trui opnieuw te veroveren", zegt Moser er zelf over. "Maar ik heb die Giro eigenlijk gewonnen op de Blockhaus (de slotklim in de vijfde etappe, red.)."


UITHANGBORD VAN WIJNDOMEIN

35 jaar later waait het stof niet meer zo fel op als toen. Wanneer ik op een zonnige oktoberdag het wijndomein van de familie Moser oprijdt, lijkt de pater familias enigszins verrast. Hij weet niet meer zo goed wat we precies komen doen. Meteen word ik eraan herinnerd dat we te maken hebben met de Italiaanse versie van Eddy Merckx: als een van de grootste kampioenen van zijn land wordt hij voortdurend bevraagd door de media en de wielerwereld. Het duurt gelukkig niet al te lang voor hij bijdraait en zich ten dienste stelt van de crew, voor wat sfeerbeelden op zijn indrukwekkende landgoed van 14 hectare. Mankend - de dag voordien raakte zijn been gekneld tussen zijn vorkheftruck en een muur - stapt hij naar zijn tractor en begint hij het gras tussen de wijnranken te maaien, vergezeld door zijn Berner Sennenhond.

De wijngaard en de bijbehorende huizen en gebouwen - het is bijna een dorp op zich - liggen op een van de vele heuvels rond de stad Trento en bieden een adembenemend uitzicht op de vallei, met daarrond de uitlopers van de Alpen. Francesco Moser kocht dit landgoed vlak na zijn wielerpensioen, in 1988. Samen met zijn oudere broer Aldo, die ook ooit de roze trui droeg in de Giro, bouwde hij de wijngaard uit tot een bloeiend familiebedrijf, waar ook de volgende generatie Mosers bij betrokken is. Maar uiteraard is Francesco het uithangbord. Aan de receptie is een minimuseum ingericht, vol memorabilia uit zijn succesvolle carrière:  etsen, shirts, trofeeën, bekers ...

Lees het volledige artikel in het meinummer van cycling.be magazine, nu in de winkel! Of lees HIER online verder via Blendle.