Is China een wielernatie in wording, zoals sommige visionairs ons willen doen geloven? Onze vrouw ging het ter plaatse onderzoeken. Haar conclusie: waar een wil is, is een weg, maar er is nog heel wat werk aan de winkel ...

Koersen ze in China? Het was de meestgestelde vraag vlak voor mijn afreis naar de Ronde van Guangxi in oktober. Enkele weken later was ik ook van de partij op het Criterium van Shanghai en keken vrienden en familie andermaal vreemd op. China, wat heb je daar nu te zoeken? En inderdaad, ik geef toe: zelf was ik vooraf ook sceptisch. De Ronde van Guangxi is de laatste WorldTour-koers op de kalender. Verplichte kost voor heel wat renners, die liever al met hun beentjes omhoog willen liggen op een of ander exotisch strand. In plaats daarvan werden ze door hun team als Chinese vrijwilliger aangeduid om nog één keer op te draven in het peloton. De jetlag kregen ze er gratis bij. Tegelijkertijd stelden we vast dat sommige renners met een andere blik naar deze koers kijken. In de eerste plaats Geraint Thomas en Peter Sagan, omdat ze veel centen krijgen van Tourorganisator A.S.O. om acte de présence te geven op dat criterium. Anderen vertoeven dan weer graag in Guangxi omdat ze in deze allerlaatste rittenkoers van het jaar de kans krijgen om met een 'goed gevoel' de winter in te gaan. Aan de hand van vijf vragen proberen we de zin en onzin van koersen in China in kaart te brengen.

KOERSEN RENNERS GRAAG IN CHINA?

Het antwoord is dubbel. Philippe Gilbert wilde na zijn opgave in de Tour de France en de bijbehorende kniebreuk vooral zo veel mogelijk wedstrijdkilometers verzamelen in september en oktober. "Op mijn leeftijd is het niet goed om zo lang stil te liggen na een blessure", verduidelijkte hij. "Ik heb die wedstrijdkilometers nodig, anders zou de winter echt wel lang duren. De Ronde van Guangxi was een goed alternatief, een mooie koers om het jaar af te sluiten. Dankzij de Hammer Series in Hong Kong en deze rittenkoers heb ik 1.000 kilometer in de benen, wat zeker geen kwaad kan."

Sep Vanmarcke was er voor de tweede keer bij in Guangxi. "Of het een verplicht nummer is? Tja, ik ga niet zeggen van wel, maar om eerlijk te zijn: er waren niet veel vrijwilligers om naar hier te komen", lacht hij. "Het is vooral de verre reis die het lastig maakt. Andermaal je familie achterlaten zo laat op het seizoen: dat weegt iets meer dan in het voorjaar. Maar eens je hier bent, valt het wel mee. Je koerst elke dag en je trekt met een goede conditie de winter in. Bovendien is het hier perfect georganiseerd. Alles is piekfijn in orde, alleen het weer valt dit jaar dik tegen (slechts één dag zon, de vijf andere koersdagen regen, red.)."

Lees het volledige artikel in het januarinummer van cycling.be magazine, nu in de winkel! Of lees HIER online verder via Blendle.