Sanne Cant toonde het voorbije jaar dat ze de maat der dingen is in de vrouwencross. Helaas verstoorde een vervelende knieblessure haar voorbereiding op het nieuwe seizoen. Ruim voldoende stof voor een boeiend interview met de wereldkampioene.

Twee wereldtitels, drie Europese truien, negen keer Belgisch kampioen, drie keer het eindklassement in de Wereldbeker, vijf keer de Bpost Bank / DVV Verzekeringen Trofee en drie maal de Superprestige. Een indrukwekkend lijstje. Vorig jaar boekte Sanne Cant 21 zeges en sloot ze het seizoen voor het vierde jaar op rij af als de nummer 1 op de wereldranglijst. Vergeet niet, Cant is nog altijd maar 27 jaar jong en mag op 8 oktober 28 kaarsjes uitblazen. "In principe beleef je je beste jaren als renster tussen je 27 en 30", zegt ze, "dus ze zijn nog lang niet van mij verlost. Ik word nog altijd sterker en legde onlangs mijn beste inspanningstest ooit af, ondanks mijn trainingsachterstand door een knieblessure. Ik hoef niet te vrezen ..."

Heb je met zo'n rijk palmares soms niet het gevoel: wat moet ik nog bewijzen? Kan je je nog altijd motiveren om te trainen?
"Ik moet me inderdaad niet meer bewijzen, maar dat neemt niet weg dat ik nog altijd zeer gemotiveerd ben. Als die goesting om te trainen en te crossen weg is, stop ik er beter mee. Ik cross nog altijd heel graag. Ik werd opnieuw wereldkampioene, en net zoals vorig seizoen wil ik die trui zo veel mogelijk laten zien in het veld. En nu Marianne Vos er opnieuw een ganse winter bij zal zijn, is dat een extra motivatie. Let op, de cross is ook boeiend zonder haar, want vorig jaar kreeg ik het een maand lang zwaar te verduren tegen Maud Kaptheijns. Je weet nooit wat het nieuwe seizoen gaat brengen."


ONDERLINGE STRIJD MET MATHIEU

Wat staat er op jouw verlanglijstje voor komend seizoen? Welke crossen zijn een must om te winnen?
"Goeie vraag. Ik weet dat eigenlijk niet. Misschien eens een jaar alles winnen, een soort Grand Slam (WK, EK, BK en de drie klassementen)? Dat is me nog nooit gelukt, dus dat zou fijn zijn. Maar is dat een must? Tja ... Voor mij is het simpel: er is maar één cross die er echt toe doet: die ene waarin de mooie witte trui met de regenboogstrepen op het spel staat."

Je wil toch wat meer winnen? Vorig jaar streefde je naar je 100e profzege. Dat is gelukt. Wat is het volgende? 150 of 200 lijkt me nog veraf.
"(lacht). Ik heb zo'n records niet nodig om me te motiveren. Ik wil gewoon graag veel winnen. Hoeveel wereldtitels heeft Marianne Vos eigenlijk (lacht)?"

Zeven in de cross.
"Wel, dan mik ik op acht (lacht). Neen, natuurlijk gaat me dat niet lukken. Het is geen realistisch doel. Dan had ik me op jongere leeftijd al een paar keer tot wereldkampioene moeten kronen, dus dat lijkt me niet haalbaar. Voor alle duidelijkheid: ik ga niet crossen tot mijn 40e. Laat ons beginnen met het winnen van een derde trui."

Wat nationale titels betreft, staat het record op tien, voor Roland Liboton. Sven Nys leek op weg om dat te breken, maar bleef steken op negen. Jij hebt er ook negen ...
"Ah, heb ik er evenveel als Nys? Ja, dan moet ik hem zeker voorbij (lacht). Kijk, ik ben echt niet bezig met records en getallen. Meestal houden anderen dat beter bij dan ikzelf. Weet je waar ik tijdens het seizoen wél mee bezig ben? De onderlinge strijd met Mathieu van der Poel om het aantal zeges. Dat is 'leutig'. Vorig jaar was het niet spannend omdat ik in oktober een slechte maand had, maar het jaar voordien was het heel close, en dat motiveert me. Dan jutten we elkaar zo'n beetje op."

Lees het volledige interview in het oktobernummer van cycling.be magazine, nu in de winkel! Of lees HIER online verder via Blendle.