Wie houdt Peter Sagan op 30 september van een vierde wereldtitel op rij? Na een verkenning ter plaatse in Innsbruck weten wij het al: de parcoursbouwer. Al weet je nooit met de Slovaak. Zelfs niet op een parcours dat volgens sommigen voor het zwaarste WK ooit zal zorgen.

Gaststad Innsbruck is de hoofdstad van Tirol, met rondom Alpenpieken die vlot boven drieduizend meter gaan. Tenzij je nooit de brede vallei van de Inn verlaat, moet je er de bergen in. En daar is parcoursbouwer en ex-prof Thomas Rohregger niet zuinig in geweest. Met een totaal van 4.670 hoogtemeters kan je de WK-rit bij de mannen gerust als een bergetappe buiten categorie catalogeren. Ter vergelijking: tijdens de voorbije Tour de France telde de Pyreneeënrit over de iconische toppen van de Aspin, de Tourmalet en de Aubisque 4.700 hoogtemeters.


GESCHIKT VOOR VERSCHILLENDE TYPES

"Ondanks de vele hoogtemeters is dit geen typisch 'bergetappeparcours'. We hebben bewust een rit uitgetekend die verschillende types renners naar hun hand kunnen zetten", zegt Julian Reitter van Innsbruck Tirol Sports, dat de organisatie van sportevenementen in Innsbruck op zich neemt. "Dat je moet kunnen klimmen, is duidelijk. Maar er zit bijvoorbeeld geen lange col in. Met de beklimming van de Gnadenwald in het eerste deel geven we vrijbuiters de mogelijkheid om een lange vlucht op poten te zetten. Wie zegt dat die geen kans op slagen heeft? Op de Goldbichl - de klim naar Igls in de lokale ronde - kunnen zowel tempoklimmers als rasklimmers aanvallen." En dan is er nog die Höll. De Hel dus. Elf kilometer voor de finish moeten de renners over deze afschrikwekkende helling met stijgingspercentages tot 25 %. "Je kan die Höll vergelijken met een helling in een Ardense klassieker, La Redoute bijvoorbeeld. Dat opent mogelijkheden voor explosieve klassieke types."

Lees het volledige artikel in het septembernummer van cycling.be magazine, nu in de winkel! Of lees HIER online verder via Blendle.