Twee keer Nederlands kampioen en een keer Europees kampioen bij de elite: er ontbreekt nog één titel op het palmares van Lars van der Haar (26) en dan heeft hij alle truien in zijn kast hangen. Met een WK in eigen land, het eerste in zíjn Valkenburg, krijgt de kleine Nederlander een uitgelezen kans om zijn collectie te volmaken.

Zijn overwinning in de DVV Trofee-manche in Ronse een maand eerder was geen toevalstreffer. Van der Haar profiteerde er optimaal van de concurrentiestrijd tussen de Grote Twee - Wout van Aert en Mathieu van der Poel. Samen met Van Aert werd hij zo de enige die de oppermachtige Nederlander dit seizoen al kon verslaan.

"Ik had een goeie dag en viel op het juiste moment aan", maakt Van der Haar de analyse als hij dik anderhalf uur later en fris gewassen aanschuift voor ons interview. "Al maak ik mij niet de illusie dat ik ook gewonnen had als we met z'n drieën de finale in waren gegaan. Maar die momenten waarop Wout en Mathieu naar elkaar kijken zullen er nog wel komen. Het is aan mij om die kansen te grijpen."

Jouw zege in Ronse deed je zichtbaar veel deugd na vorige winter. Die viel door veel blessureleed grotendeels in het water.
"Dat was inderdaad geen leuk seizoen. De pees in mijn knieholte was overbelast en raakte ontstoken. De blessure is nog steeds niet helemaal verleden tijd. Er is nog geen dag voorbijgegaan waarop ik geen last heb van mijn knieholte. Het herstel van zo'n blessure duurt heel lang. Om er volledig van verlost te raken, zou ik lange tijd niets mogen doen, maar dat is in volle crossseizoen geen optie."

En al zeker niet met een WK in eigen land voor de deur. Hoe vaak heb je de laatste maanden al aan Valkenburg gedacht?
"Dat valt wel mee. De traditionele aanloop naar het WK begint midden december, als we terugkeren uit Mallorca. Dan zal ik er wel vaker aan gaan denken. Het is geen geheim dat Valkenburg mij ligt."

Lees het volledige interview in het decembernummer van cycling.be magazine, nu in de winkel! Of lees HIER online verder via Blendle.