Ze worden door hun collega-veldrijders unaniem getipt als dť revelaties van het komende veldritseizoen. Niemand die er ook maar aan durft twijfelen dat Mathieu Van der Poel en Wout Van Aert in hun eerste seizoen bij de profs meteen hun jeugdige voet naast die van de gevestigde waarden zullen zetten.

Met niet minder dan elf zeges in zijn eerste beloftejaar maakte Mathieu Van der Poel vorig veldritseizoen indruk. Met ook een overwinning in de profcross van Heerlen en een knappe tweede plaats in de Scheldecross werd besloten dat de tijd nu al rijp is om de overstap naar de profs te wagen. De negentienjarige Nederlander van BKCP-Powerplus zal deze winter deelnemen aan alle wedstrijden bij de profs, behalve dan in de Wereldbeker en op het WK. Hou hem maar in de gaten in de Vlaamse velden. "Ik weet wat ik wil en waar ik mee bezig ben."

Wie als zoon van een wereldkampioen veldrijden en kleinzoon van een Vueltawinnaar geboren wordt, weet dat alle ogen op hem gericht zullen zijn wanneer hij ooit op een fiets springt. Als blijkt dat die jonge telg dan ook nog eens minstens zo getalenteerd is als zijn vader, tja, dan krijg je torenhoge verwachtingen. Welkom in de wereld van Mathieu Van der Poel. "Goh, ik denk wel dat die verwachtingen terecht zijn", knikt de jonge Nederlander. "Verwachtingen creŽer je uiteindelijk zelf. Ik denk dat vooral de Scheldecross, waar ik tegen Niels Albert om de zege spurtte, daarvoor heeft gezorgd. Die cross kwam live op televisie en heeft iedereen gezien."

Een sleutelbeenbreuk op training maakte voor Wout Van Aert een kruis over de eerste veldritten. De beloftenwereldkampioen uit Herentals zag zo zijn profdebuut nog even uitgesteld, maar heeft zonder meer een stevige basis gelegd in de zomer, met enkele klinkende resultaten. "Een goed voorteken, weet ik van de vorige jaren", aldus de grootste aanwinst van Vastgoedservice-Golden Palace.

In zijn eerste jaar bij de grote jongens zal Van Aert nog geen volwaardig profprogramma afwerken. "Ik wil me zeker nog niet opbranden in mijn eerste profseizoen", zegt hij. "Ik kijk wel enorm uit naar deze nieuwe uitdaging. Ik vergelijk het een beetje met mijn overgang van de juniors naar de beloften. Ik ga mij nog niet te zeer met de klassementen bezighouden, bekijk het liever cross per cross. En lukt het niet, dan is dat maar zo. Ik moet mijn limieten nog ontdekken en ondervinden hoeveel sterker ik ben geworden ten opzichte van vorig jaar. Dat er veel van Mathieu en ik verwacht wordt, is leuk om te horen. Ik besef dat er naar ons gekeken wordt als de mannen van de toekomst, maar we hebben allebei nog een hele weg af te leggen."

Lees het volledige interview in het oktobernummer van cycling.be magazine, nu in de winkel!

Bookmark and Share