Wout Van Aert en Toon Aerts mochten in Loenhout samen met Mathieu Van der Poel. De wereldkampioen erkende dat de Nederlander een maatje te groot was. Aerts genoot met volle teugen van de Kempense hoogdag.

Wout Van Aert probeerde in het wedstrijdbegin Mathieu Van der Poel onder druk te zetten. Samen met Laurens Sweeck sloeg hij een klein kloofje. "Ik wilde meteen de gashendel opendraaien, maar blijkbaar was het niet snel genoeg. Er kwamen toch heel veel renners terug."

"Op de eerste versnelling van Mathieu had ik nog een antwoord, bij de tweede moest ik hem laten gaan. Ik zat wat ver, maar daarna reed hij steeds verder weg. Ik heb alles gegeven, toch bleef het verschil groeien. Dan moet je toegeven dat de andere beter is. De tweede plaats was vandaag het hoogst haalbare. De benen waren duidelijk nog niet zo goed als vorige week in Namen."

Ondanks de tweede plaats genoot Van Aert van de sfeer in Loenhout. "De Azencross, dat is een hoogdag in de Kempen. De sfeer was echt fantastisch. Cross is hier echt nog een feest."

Aerts: 'Over twee jaar eerste? Daar teken ik blind voor'

Het luidste applaus op het podium was wellicht voor Toon Aerts. De renner uit Rijkevorsel, de buurgemeente van Loenhout, werd aangemoedigd door een massa supporters.

"Het was een hele dag genieten. Tijdens de verkenning werd ik al een hele ronde aangemoedigd. Overal stonden er mensen die een high five wilden geven. Dan rij je hier rond op adrenaline. Dat heeft me geholpen om die derde plaats veilig te stellen."

Voor Aerts was het al zijn veertiende podiumplaats van het seizoen. "Ik had liever gewonnen natuurlijk. Als ik één cross mag kiezen, dan is het wel Loenhout. Vorig jaar vierde, nu derde en in 2020 eerste? Daar teken ik blind voor. Dan wil ik volgend jaar met alle plezier tweede worden."